“Samen de wereld in kleine stapjes mooier maken?”

Door Anna van Haastrecht

Kamilla'sKeuze Kamilla'sKeuze gesneden Kamilla'sKeuze-001 feta flapjes

Als freelance congresorganisator was het rennen of stilstaan, maar meestal rennen. Toen Kamilla Hensema (38) in de zomer van 2012 eindelijk anderhalve week vakantie had (“te kort: kon ik wéér niet tot rust komen!”) en door Nederland fietste, fantaseerde ze over het boerenleven. “Maar wat moet je doen om boer te worden?” Kamilla ging terug naar school.
Het bleef echter niet bij de Biologische Landbouwschool. Werkend bij een tuinderij waar teveel postelein was opgekomen, verzuchtte de eigenaresse: “Wat als de hele stad nou wist dat ze vanavond postelein kunnen eten? Nu moet ik het weggooien.”
Half doezelend lag Kamilla die avond in bed toen er ze een openbaring had. Een bakfiets. Op Utrecht Centraal. En in die bakfiets lokale producten en gerechten. Chaos gecombineerd met de Landbouwschool. Kamilla’s Keuze was geboren.

Marcel begint zijn interviews altijd met de vraag: wat is de droom die jou ’s nachts wakker hield, tot je hem uitvoerde?

Ze is even stil. Denkt diep na. Wanneer Kamilla haar mond opent, struikelt ze over haar passievolle woorden: “De droom die mij wakker hield (en houdt!) was dat ik wilde dat mensen plezier kregen in het maken van ideale keuzes als consument. Dat het leuk wordt om te kijken wat ze met lokale groenten kunnen, of de kaasboer buiten de stad. Dat consumenten een goed gevoel krijgen als ze iets fairtrades hebben gevonden en daarmee een bijdrage leveren. Van dat idee lag ik wakker: hoe gaan we met z’n alle in kleine stapjes de wereld een stukje mooier maken?
Die droom, en het plezier dat ik daarin heb, houdt me al heel lang bezig. Ik kwam erachter dat deze sector groeit en een divers aanbod heeft. Het is echter niet makkelijk genoeg voor freelancers en forenzen. Zij denken: ‘ja leuk, maar ik heb geen tijd om naar de markt te gaan om alles bij elkaar te scharrelen.’ Ik wilde mijn hectische 24/7 bestaan combineren met mijn lering van de Landbouwschool. Makkelijkheid en snelheid combineren met duurzaam en ethisch verantwoord eten.”

Kan je in een aantal zinnen omschrijven hoe Kamilla’s Keuze werkt?
“Kamilla’s Keuze verkoopt boodschappentasjes met afgewogen en ingepakte ingrediënten om mee te koken, voor één of twee personen. Alle ingrediënten zijn zo lokaal, seizoensgebonden, fairtrade, milieuvriendelijk of diervriendelijk mogelijk geproduceerd. De klant kan elke dag kiezen uit twee recepten. Die gerechten kunnen ze thuis in hooguit 20 á 30 minuten klaarmaken. Vers, lokaal, biologisch verantwoord, makkelijk, snel en origineel.”
Dat is een omschakeling. Van congresorganisator naar verkoper van lokale producten en gerechten.
“Ik heb Kamilla’s Keuze dan ook een paar maanden voor me uit geschoven. Een eigen bedrijf in een bakfiets op Utrecht Centraal. Dat brengt nou niet echt de rust die ik wilde. Maar dit waanzinnige plan bleef me achtervolgen. Ik dacht: ik ga gewoon het ondernemingsplan schrijven, en dan zien we wel. Tijdens het schrijven werd het idee steeds leuker en leuker. Op Koninginnedag 2013 had ik een try-out en toen wist ik het: dit is het! Dit moet ik doen! Eenmaal begonnen merkte ik al snel dat er geen freelance opdracht meer naast kon.”

Waren er nog andere factoren die je tegenhielden (ik kan het niet, het is niet nodig)?
“Ja, maar dat kwam pas ná het schrijven van het ondernemersplan. Het schrijven is namelijk veilig. Ik werd geteisterd door de gedachten: ik kan toch helemaal niet ondernemen. Ik ben een freelancer, ik werk in opdracht, als dienstverlener. Wat weet ik nou van strategische keuzes maken voor zo’n product en productlancering? Ik dacht dat je daar heel veel andere soorten kennis voor nodig had. Ik durfde niet.”
Wat heb je toen gedaan? “Ik ben het gewoon gaan doen. Alleen. Al heb ik wel veel mensen om me heen verzameld en naar hun advies geluisterd. Zo kwam ik erachter dat elke ondernemer met dezelfde twijfels en vraagstukken zit.”
Heb je grote tegenslagen gekend tijdens het opzetten van Kamilla’s Keuze?
“Zeker. En nog steeds. Op het moment staat Kamilla’s Keuze, mensen reageren super positief en we verkopen tussen de vijfentwintig en dertig tasjes per dag, maar het is nog niet genoeg om mee rond te komen en mijn ‘personeel’ te betalen. Dat is heel spannend. De omzet moet ik via andere wegen realiseren, niet alleen via de bakfiets. Het investeringsgeld is op een bepaald moment op. Ik voel de tijdsdruk om de omzet te verhogen en dan komt soms die onzekerheid weer om de hoek kijken: ben ik wel een ondernemer? Weet ik eigenlijk wel hoe je dit commercieel aanpakt? Ik heb niets te verliezen, behalve mijn investeringsgeld en dat ik en de mensen om mij heen teleurgesteld zijn. Al lig ik ’s nachts wel eens wakker, want ik wil heel graag verder met Kamilla’s Keuze!”

Wat maakt Kamilla’s Keuze tot een uniek Waanzinnig Plan?
“De boodschappenpakketten. Alle ingrediënten bij elkaar om direct, op die avond, te gaan koken. Je ziet wel veel groentenpakketten, maar daar moet je vaak een abonnement op hebben en rond een bepaalde tijd thuis zijn. Vanuit mijn freelance tijd weet ik dat dit heel vervelend is: hoe weet ik nou of ik om 17.00u thuis ben? Kamilla’s Keuze is ad-hoc, in combinatie met lokaal en ecologisch. Bij veel andere initiatieven is dat het een of het ander.
Ik maak duidelijk waarom bepaalde producten worden gekozen voor recepten. Ik ben zo open en transparant mogelijk, vertel eerlijk waar alles vandaan komt, zoek de balans, zonder dat ik propageer 100% verantwoord te zijn, dat kan niet namelijk. Een ander uniek punt is dat bij elk gerecht wordt uitgelegd waar de groenten vandaan komen, welke tuinderijen, kaasboeren, fruittelers of leverancier ik bezocht. Als het bevalt, kunnen klanten het zelf kopen.”
Dat klinkt niet heel winstgevend…
“Dat maakt niet uit! Mijn missie ik ook geslaagd als mensen thuis mijn recepten maken en me op Facebook vertellen dat ze de markt weer hebben ontdekt. Het gaat niet alleen om winst maken, maar om de wereld mooier te maken.”
Kan iedereen dan een waanzinnig plan uitvoeren?
“Ja. Maar je moet wel bereid zijn om heel hard te werken. Ik heb hier meer uren ingestoken dan in het organiseren van congressen, maar ik haal er zoveel meer plezier uit. De vraag blijft wel: maak ik de juiste keuzes? We werken aan Kamilla’s Keuze als voedselplatform, met meerdere verkooppunten, workshops en events. Anders kan het nooit duurzaam worden. Maar dat is stapje voor stapje werken aan de langere termijn.”


Meer over Kamilla’s Keuze…

Kamilla doet de boodschappen, maar de recepten worden gemaakt door kok Marc van der Krogt.
“Op basis van het aanbod van de groenten van de biologische tuinders maakt Marc de recepten. Het is zó moeilijk wat hij doet. Hij moet niet alleen denken over smaak op basis van wat het seizoen te bieden heeft, maar er mogen maar maximaal acht ingrediënten per tasje zijn. Anders wordt het teveel inpakken. Er moet aan allergieën worden gedacht. Zit het in het ene recept, dan niet in het andere recept. Is dit een spannend recept? Dan zetten we er een traditioneel recept tegenover. Marc flikt het gewoon elke twee weken! Dat doen andere koks hem niet snel na.”

Het favoriete gerecht van Kamillaeindresultaat flapjes
“Dit flapje met feta en kruiden is zó lekker! Alleen de bloem en de kruiden komen van buiten Nederland, de rest van de ingrediënten komen uit regio Utrecht. En dat midden in de winter! Nog zoiets leuks. Het flapje maak je zelf. Dus geen kant-en-klaar bladerdeeg, maar je leert het zelf maken. Binnen een paar minuten. Nooit gedacht dat ik dat kon, maar blijkt heel makkelijk te zijn!”

Een nieuw gezicht!

Beste, fantastische, lieve (bijna) Waanzinnige Plannen makers,

Aangezien Marcel druk is met handtekeningen uitdelen, kinderboeken schrijven en presentaties geven op afgelegen plekken, ga ik hem vanaf vandaag helpen met het interviewen van uitvoerders van Waanzinnige Plannen. Twee maal per maand zal op deze website een gesprek verschijnen wat hopelijk 1. leuk is om te lezen en 2. inspiratie oplevert voor de twijfelaars onder jullie.

Maar: wie is die ik?

Aangenaam. Freelance journalist en fotograaf Anna van Haastrecht. Met mijn grenzeloze enthousiasme pak ik alle klussen aan waar ik vrolijk van word. Zo fotografeer ik op huwelijken, klus ik vrijwillig bij voor Free Press Unlimited, geef ik Nederlandse les aan twee internationale studenten, werk ik (als bijbaan) voor Canon en maak ik websites voor kleine zelfstandige ondernemingen. Daarnaast woonde ik in Argentinië, studeerde ik onder andere in Southampton, UK, vond ik mijn thuis in Utrecht, ben ik enigst kind, heb ik een hoofdrol in de musical Romeo&Julia, is mijn favoriete kleur rood, ben ik recentelijk meer dan 10 kilo kwijt geraakt maar blijft mijn lievelingseten pindakaas.

En nu ga ik dus interviewen voor deze website! Het zal je niet verbazen: ik heb er zin in!

Een idee krijgen van mijn portfolio? Check hier mijn fotositewebsite en Curriculum Vitae.

Een inspirerende groet,
Anna

Jojanneke van den Bosch over ‘Zo, nu ben je wees’

Jojanneke en Nico HaasbroekIk ken Jojanneke van den Bosch in eerste instantie van de Twitterlunch, als Social Media Expert en – indirect – als iemand die alles van schaatsen weet. Dat ze sinds haar veertiende wees is en wat dat voor impact op haar leven heeft gehad, weet ik pas sinds het verschijnen van haar boek ‘Zo, nu ben je wees.’ In het boek doorbreekt Jojanneke behoorlijk wat taboes en mythes rond het fenomeen weeskinderen. Ze laat erin zien dat weeskinderen niet zielig zijn, maar wel degelijk volwassenen nodig hebben. Ik interviewde haar over het ontstaan van het boek, omdat het al met al een behoorlijk Waanzinnig Plan was. Bij het boek hoort ook een informatiewebsite voor weeskinderen, de huidige site wordt momenteel achter de schermen flink aangepakt.’Volg Jojanneke op Twitter @weeswijzer en @Jojanneke of Facebook.

Marcel: Ik begin mijn interviews altijd met de vraag: wat is de droom die jou ’s nachts wakker hield, tot je hem uitvoerde. Maar ik vermoed dat je van heel andere dingen wakker lag.

Jojanneke: Waar ik vroeger van wakker lag, toen ik pakweg 14 jaar oud, was: hoe moet ik nu verder zonder mijn ouders? Kan ik hier blijven wonen? Hoe moet ik dingen regelen? En hoe moet het nu verder? Ik werd wees op mijn veertiende. Mijn ouders waren vijf maanden na elkaar overleden. Mijn zus en ik moesten het samen zelfstandig zien te rooien. Ga er maar aan staan. Na veel hordes, gedoe en bizarre situaties heb ik het doorstaan. Maar dat ging niet vanzelf. Inmiddels ben ik volwassen (whatever that means) en 23 jaar verder dan toen. Waar ik al die jaren later nog van wakker lag, is dat er 82.000 kinderen (0-18 jaar) in ons land ook leven zonder ouders. Tweeëntachtigduizend kinderen die hun best doen om iets te maken van hun leven. Met deze enorm valse start. Ik kan niet langs de zijlijn toekijken en niets doen. Ik kan het niet niet delen. Echt niet. Niet voor mezelf. Voor hen. En uiteindelijk is het ook mijn manier om zin te geven aan datgene dat mij overkwam. Het verlies is niet voor niets geweest.

Zo nu ben je weesNu, 23 jaar later, is mijn droom dat ieder weeskind informatie krijgt waar hij/zij mee verder kan. Om weeskinderen (en hun omstanders!) aan de kennis en informatie te helpen die hen verder kunnen helpen in het leven. Het is mijn manier om bij te dragen aan een betere wereld, op het gebied van een onderwerp dat niet dichter bij mij zou kunnen staan. In de afgelopen zes jaar (alweer, wat gaat het snel) werkte ik naast mijn bedrijf aan het project WeesWijzer. Er waren twee dingen enorme ‘party poopers’ in het verwezenlijken van mijn missie. Allereerst: men weet niet dat Nederland 82.000 weeskinderen telt. Er is een hardnekkig beeld dat weeskinderen leven in Annie en Harry Potter-achtige sprookjes en in verre landen. Nou, ik droeg geen rode krulletjespruik en kon ook niet op een bezem vliegen (helaas, had me te gek geleken. Als jij dat kan regelen, is dat wéér een prachtig waanzinnig plan waar ik voor open sta). Dus men moest het te weten komen. En wat is een betere manier om bewustwording te laten groeien dan storytelling? Ergo: ik besloot een aantal van mijn ervaringen (lang niet alles, dat zou het doel voorbij schieten) te beschrijven in een boek. Met daarbij praktische, concrete handreikingen voor omstanders van weeskinderen. En soms voor weeskinderen zelf. En voor zorgverleners en maatschappelijke organisaties. Dat werd het boek ‘Zo, nu ben je wees’. Kwam in januari van dit jaar uit. Ben in het proces meteen ook uitgever geworden. Want in de gesprekken met een uitgever die interesse had in het verhaal, kwam ik er zakelijk en inhoudelijk niet uit. Dan Zelf Maar Doen. Voelt goed. Geen moment spijt van gehad. Kost belachelijk veel tijd. Maar het is een labour of love.

De tweede party pooper in mijn missie was dat laagdrempelig gebruik van sociale media nog geen ingeburgerd gemeengoed was in 2007. En wat ik toen al wilde, was informatieverspreiding en -uitwisseling op een online platform. Of een koppeling van online platforms. Maar er was nauwelijks een haan die er naar kraaide. Want men gebruikte die media nog maar mondjesmaat, en het idee ‘wat moet ik dan zeggen op die media, wie zit daar nou op te wachten’ en ‘je gaat toch niet op internet zeggen wat je aan het doen bent’ hoorde je destijds nog vaak. Ik moest dus wat geduld hebben. Inmiddels gebruikt ‘iedereen’ sociale media. Ik leid communicatieprofessionals op via e-learning en events op het gebied van online communicatiestrategie en social media (@onlinecomm), dus ik kon zelf ook een duit in het zakje doen voor wat betreft instructie over vaardigheden met online tools. Maar goed. Iedereen online dus. Da’s mooi.

Nu die twee hordes gemakkelijker te nemen zijn, ga ik door met WeesWijzer. Want ik krijg nog veel te vaak mails en berichten over schrijnende situaties van weeskinderen. Zoals deze: Een woningstichting is voornemens over een paar maanden weeskinderen uit huis te zetten omdat zij geen wettelijke medehuurders waren van het huis van hun ouders. Daar lig ik nu van wakker. “Maar in die uren dat ik wakker ben, schrijf ik een open brief aan die directeur. En die sturen we dan meteen wel door aan koepelorganisaties, politiek en media. Zo waanzinnig is dat niet. Wel een goed plan. En nodig. Hard nodig. Die weeskinderen mochten uiteindelijk na bemiddeling tussen hun jurist en de woningcorporatie tóch blijven wonen. Dat vind ik super.”

Marcel: Als ik dit lees, lijkt het alsof je dit allemaal in je eentje hebt gedaan. Maar dat is vast niet zo. Had je hulp?

Twee pagina’s in mijn boek staan vol met de namen van mijn helden. De mensen die zorgen dat ik word wie ik werkelijk wil zijn. Mensen die hebben bijgedragen aan het tot stand komen van de bundel. Mijn helden zijn buitengewoon belangrijk voor mij.

Rome is niet in één dag gebouwd, en al helemaal niet alleen. Als ik geen vrienden en kennissen op Twitter en Facebook had gehad, was het een stuk moeilijker geworden. Er waren een aantal mensen die ‘voor publicatie lagen’, het liever in de vergetelheid hadden zien wegzakken. Dat waren mensen van ‘vroeger’. Juist dat tegenwicht op de sociale platforms betekent veel voor me. Als mens. Ik ben erg dankbaar voor de betrokkenheid die ik ervaar, zowel tijdens het schrijven als tijdens groeiend inzicht over weeskinderen in Nederland. Dat vind ik ongelooflijk belangrijk. Zonder dat had ik het nooit kunnen doen. Niet alleen dus. Als mensen niet hadden gereageerd door bijvoorbeeld mijn posts op Twitter of Facebook te lezen, of me sms’jes of mailtjes te sturen (soms met halve levensverhalen, wat me erg aangrijpt), zou ik het veel moeilijker vinden om het vol te houden. Je voelt je toch af en toe een schreeuwende in de woestijn. Ik bedoel: een boek willen schrijven is één, maar het is natuurlijk ook weer zo wat om vervolgens met 90% van je oplage te blijven zitten, haha. Dat zou dan weer jammer zijn.

Jojanneke en pleegvaderWeesWijzer ben ik alleen begonnen. Dat zeg ik niet om interessant te doen, sterker nog: ik vond het heel moeilijk om dat alleen te doen. Ik had liever gehad dat er allemaal instanties waren die al helemaal in de behoefte voorzagen. Ik heb wel geprobeerd om denktanks op te richten om kennis te delen destijds. Daar reageerden wel een paar mensen op (die ik ook erg waardeer, nog steeds). Door praktische omstandigheden (volle agenda’s e.d.) bleek het in die fase erg moeilijk om het leven in te blijven blazen op die manier. Ik kon het ook niet goed opbrengen, had er te weinig energie voor. Had ook wel te maken met een internetbureau dat ‘misschien de nieuwe WeesWijzer-site wel wilde bouwen als sponsoring’ maar vervolgens anderhalf jaar niets van zich liet horen. Dus heb ik het roer omgegooid en ben me (naast mijn bedrijf) gaan richten op het boek. Drie jaar geleden is dat nu, en toen publiceerde ik een stuk of zes concepthoofdstukken op Scribd.com. Het heeft me enorm geholpen dat mensen daar op reageerden. Ook omdat sommige mensen eigenlijk ronduit tegen publicatie van deze waargebeurde verhalen waren. Dat deed me wel pijn. Gelukkig steunden mijn vrienden me wel, en ook mijn pleegouders zeiden dat ik het gewoon moest doen. Ik heb vaak wel getwijfeld. Uiteindelijk toch gedaan. Tijdens het schrijven heb ik het enorme geluk gehad vijf goede, kritische meelezers aan mij zij te hebben. Daan Westerink (rouwdeskundige en journalist) was mijn eindredacteur. Zij schrijft zelf boeken over rouw en geeft les aan de Academie van Journalistiek. Dat is handig en fijn, en daar heb ik erg mee geboft. Daarbij heb ik een aantal mensen (vrienden/vakgenoten en mijn zus) mee laten lezen. Om te testen of het echt overkomt wat ik schrijf.

Wat ook echt geweldig was: een lotgenote (ook wees) die een echte professional in het uitgeversvak is, heeft me handige tips gegeven over onderhandelingen met evt. uitgevers, en toen bleek dat ik het met dit boek niet met een uitgever wilde doen, heeft ze mij erg goed geadviseerd over hoe ik aan de slag kon met het Centraal Boekhuis. Het heeft uiteindelijk wel belachelijk veel tijd gekost, maar als zij me die info niet had gegeven, had dat het proces moeilijker gemaakt en vertraagd.

Jojanneke en pleegzusMijn pleegzus Eveline heeft op mijn verzoek de werktitel van mijn boek volstrekt afgebrand. Ik vond het zelf ook geen goede titel, maar ik kwam er niet uit in mijn eentje. Hoe dit te noemen? Eveline liet geen vezel van de titel heel, en dat was super. Binnen een kwartier sparren waren we eruit: we wisten wat de titel zou worden en we waren er allebei supergelukkig mee. En nog. Zonder Eveline had het boek anders geheten. En iets in me zegt dat dat niet goed zou zijn geweest.

Daarbij heeft de eigenaar van een bevriend ontwerpbureau (Richard van Klooster van Front-taal) me enorm geholpen. Het ontwerpconcept (de tekstwolkjes op de cover) dat Eveline en ik bedacht hadden, heeft Front-taal helemaal tiptop perfect aangeleverd bij de drukker. Ik heb zelf het binnenwerk in InDesign in laten lopen in de ontwerpstudio. Net als vroeger op de kunstacademie.

Een van mijn vrienden stond garant voor de voorfinanciering van de drukwerkkosten. Dat heeft de boel wel versneld. Fijn is dat, het heeft me echt dat laatste zetje gegeven. En de kosten zijn er inmiddels uit.

De supergoede redacteur van ‘Dit Is De Dag’ op Radio 1 had me al gevonden via Twitter. Ze heeft in de kerstvakantie het boek gelezen, en we maakten vlot de datumafspraak voor een radio-interview. Toen had ik nog niet eens een persbericht. Zo gaaf, Twitter. Als dat er niet was geweest…

En de drukker heeft het tussen de kerst- en nieuwjaarsopdrachten verzorgd. Hij had gemakkelijk kunnen zeggen ‘Ja Jo, leuk idee zo in de kerstvakantie, maar weet je wel hoe druk het hier is?’. Dat zei hij niet. Ik mocht op 28 december nog in de dtp-studio van de drukker de laatste proef corrigeren voordat ‘ie op de pers ging. Hoe lief is dat!

En Winand Stut, de fotograaf die me sinds 2007 mijn corporate foto’s maakt, maakte voor de gelegenheid van het boek een extra prent voor de achterflap van het omslag. Dat was lief.

Marcel: Hoelang heb je met het idee rondgelopen voordat je daadwerkelijk begon? Wat gaf uiteindelijk de doorslag?

In januari 2010 besloot ik een paar hoofdstukken te schrijven. Om te kijken of ik dat kon opbrengen. Om te onderzoeken of ik de boodschap helder kon overbrengen. Het is toch iets anders dan een webtekst of een corporate brochure, nietwaar. Ik schreef zes hoofdstukken in een paar weken. Dat voelde goed, maar toen kreeg ik het weer (te) druk met mijn bedrijf. Dat kreeg voorrang.

Het moment waarop ik niet meer terugkon en absoluut enorme haast kreeg met het afronden van de overige achttien hoofdstukken, was toen ik met vakantie in Cap d’Ail was. Na een dagje zon, zee en strand luisterde ik naar een interview met acteur slash alleskunner Gabriel Byrne op YouTube. Heaven bless wifi in hotels. Gabriel Byrne. “Als hij niet in dat interview (over een ander maar ook kwetsbaar onderwerp) had gezegd ‘We lie by silence’, met de boodschap ‘als je zwijgt over de waarheid en pijnlijke waarheden, als je iets niet wilt blootleggen, maak je je schuldig aan medeplichtigheid aan andermans toekomstige leed’, had ik waarschijnlijk langer gewacht met het afronden van het manuscript.” En de uitspraak kwam als een mokerslag aan. Daar stond ik dan in mijn bikini in mijn hotelkamer. Ik wist dat de tijd rijp was om het boek écht af te ronden, en snel ook. Ik wilde geen medeplichtige zijn aan het leed van andere wezen. Diezelfde dag kocht ik een nieuwe pen en een verse Moleskine. Ik schreef iedere dag ongeveer zes uur, de rest van mijn vakantie. Thanks, Byrne. Hij staat drie (3) keer vermeld in mijn boek. Inmiddels is hij in het bezit van het boek en een Engelstalige toelichting en bedankbriefje. Maar dat is weer een ander verhaal.

Marcel: Waar was je bang voor, voordat je aan het project begon? Kwamen die angsten ook uit?

De grootste angst was dat mij familie me niet meer zou willen zien of me zou uitsluiten. Omdat ik ‘de vuile was’ zou buiten hangen. Die angst is deels uitgekomen, deels ook niet. Mijn zus was, zeg maar, niet enthousiast toen ik zei dat ik een boek schreef over mijn (en deels ons) verleden. het heeft lang geduurd voor ze het manuscript wilde lezen. Maar toen ze dat eenmaal deed, heeft ze de aardigste woorden en complimenten gegeven die ik (en ik overdrijf niet) ooit van haar heb gekregen in de afgelopen 37 jaar van mijn leven. Van een tante kreeg ik alleen de reactie ‘heb jij dat geschreven’ (zonder interpunctie, zonder aanhef, zonder wat dan ook. Het was de eerste reactie sinds de 23 jaar dat we nu wees zijn). Ik antwoordde er ‘ja’ op. Er kwam onbegrip van de andere kant. “Je zus zal je toch wel geholpen hebben, waar heb je het over.” Waarop ik alleen maar kon denken (en zeggen): “Oh, die zus die zelf ook hulp nodig had maar het ook niet kreeg?” Laten we zeggen dat het de situatie treffend beschreef. Nog steeds, dus. Laat ik maar zeggen dat je erachter komt wie je vrienden zijn. Een lekker cliché, ik weet het. Al steekt het soms dat er onbegrip is: tegelijkertijd realiseer ik me dat dat nu juist de aanleiding is dat dit boek en WeesWijzer bestáán: men moet in het land meer weten over dit pijnlijke onderwerp. En er iets mee doen. Dus.

Marcel: Wat was de grootste tegenslag? Hoe heb je die tegenslag(en) overwonnen?

De grootste tegenslag was de vertraging die ik opliep door de spaakgelopen onderhandelingen met de uitgever. Ik vond het nog wel overkomelijk dat onderhandelingen niet goed uitpakken (er zijn altijd alternatieven. Altijd.), maar ik was eigenlijk al vrijwel klaar voordat ik die onderhandeling in ging. Het was eigenlijk, achteraf gezien, een test in ‘trouw blijven aan jezelf’. Maar dat resulteerde wel in een aantal hele nachten doorwerken. En dat trok ik echt heel slecht. Het kwam bovenop een volle werkagenda. Ik heb vier keer de griep gehad deze winter. Laten we zeggen dat het voor je lichamelijke weerstand geen toffe hobby is. Niet voor de mijne, althans. Ik werk nog steeds minder dan ik eigenlijk zou willen, en minder dan ik gewend was. Maar ik zie het maar als een periode van nodig herstel. Kost tijd. Maar ik vertrouw erop dat het goed is zoals het is. Gaat niet altijd vanzelf, maar toch.

Marcel:  In mijn boek pleit ik ervoor om niet naar je gevoelens te luisteren (ik heb geen zin, ik kan het niet, niemand zit op mijn project te wachten) maar bij je doel en je mijlpalen te blijven. Hoe was dat voor jou?

Dan refereer je aan de negatieve gevoelens. Er zijn ook gevoelens van vlammende gebrandheid om het wél te doen. Gevoed door bijvoorbeeld onrecht, of een acute noodzaak om iets te doen. Of gewoon de behoefte om iets goeds na te laten. Niet alle negatieve gevoelens hoeven demotiverend of slecht te zijn. Ik denk wel dat je gelijk hebt als je zegt dat je bij je doel moet blijven om het ook daadwerkelijk te kunnen halen. En mijlpalen moet je nastreven en vieren zodra je ze behaald hebt. Maar af en toe merk je (nou ja, ik dan hè) dat je mijlpalen soms wat te optimistisch gesteld hebt. En als je ze dan niet haalt, voelt het als falen. En dat is nu net even niet de vibe die mij persoonlijk verder helpt. Op momenten dat Ik Het Even Niet Meer Zie Zitten… a.) lig ik huilend op de badkamervloer; b.) kijk ik een goede TED-talk ter motivatie; c.) snaai ik chocola en kijk The Usual Suspects of Star Wars; d.) pak ik mijn spullen bij elkaar, trek uit andere dingen de stekker en ga vervolgens weer aan de slag met het werken aan mijn doel; e.) all of the above.*

* streep door wat niet van toepassing is. 😉

Marcel: Heb je ooit getwijfeld aan de haalbaarheid van je project? Zo ja, wat deed je toen?

Natuurlijk. Maar dat kun je ondervangen door voor jezelf te noteren waaróm je dit wilt doen en waaróm het haalbaar is en hoe je dat voor je ziet. Iedere keer als je twijfelt (gemiddeld 30.000 keer in de eerste maand) lees je je eigen relaas. Maak het ook meteen een Mooi Blaadje en prik het ergens in huis op. Helpt mij, althans.

Marcel: Hoe heb jij tijd, geld en middelen geregeld om je project te laten slagen?

Nou, slapen ga ik weer doen als ik dood ben. 😉 Maar alle gekheid op een stokje: ik heb vaker ‘nee’ gezegd tegen opdrachten. Ook tegen de lucratieve. En ja, dat merk je in de inkomsten. Dat kost gewoon geld. Ik wilde tijd investeren om dit te doen. Als die tijd er niet zou zijn geweest, had ik niet af en toe een paar uur kunnen navelstaren over een hoofdstuk, of kritisch herschrijven. En dat was er naar mijn mening gewoon voor nodig.

Marcel: Welke rol speelde Social Media bij jouw project?

Een grote. Als sociale media er niet waren geweest, was het ongelooflijk veel moeilijker geweest om de boodschap over weeskinderen in Nederland onder de aandacht te brengen. En geloof me, de organisaties die nog niet echt online zijn (of zichzelf veel te serieus nemen maar hun online connecties niet), weten nog dagelijks te bewijzen dat ik er nog lang niet ben. Dat men het belang van goede zorg voor wezen in ons land niet ziet. Dat steekt. Diep, soms.

Voor de promotie van het boek, het uitnodigen van mensen voor de boekpresentatie en daaruit voortvloeiend ook de verkoop hadden sociale media een sleutelrol. En de conversatie over weeskinderen op Facebook en de reacties van lezers op Facebook en Goodreads.com, die zijn me zo ongelooflijk dierbaar. Ook de scherpe. Lang leve Facebook, lang leve MailChimp, lang leve Twitter, lang leve…, nou ja, iedereen die zich kan laten raken. Ik ben nog lang niet klaar met WeesWijzer, dus ik houd graag de conversatie gaande. Ik heb de wijsheid niet in pacht. Maar samen weten we wel veel meer.

Marcel: Heb je alles alleen gedaan? Zo ja, waarom? Zo nee, wat heb je uitbesteed en waarom?

Sommige dingen wilde ik pertinent niet zelf doen. Bijvoorbeeld het drukklaar maken van het boekomslag. Te stressig (want te persoonlijk). En het maken van de video waarin ik vertel waaróm ik dit boek geschreven heb. Die video heb ik laten maken door Jeroen de Jonge van Synopsis Media. Jeroen is een jonge professional die écht-écht-écht goed meedenkt over scenario, inhoud, boodschap en vorm. Monteren deed hij ook uitstekend, veel beter dan ik ooit zou kunnen. Mijn vertrouwen in hem was (en is) zonder enige reserve. En terecht. En het leek me ook nogal suf als ik zelf de vragen zou verzinnen die men me zou moeten stellen. Ik liet hem daarin vrij.

Van te voren wist ik dat ik veel zelf kón doen (zonder daar arrogant over te willen klinken), en dat dat ook geld zou schelen. En het werk aan dit boek was ook een deel van mezelf. Soms vind ik het ook onzin om iets door anderen te laten doen. Zoals het laten inlopen van het binnenwerk (op de kunstacademie geleerd, ik ben een ongelooflijke typografische nerd), het schrijven (boem is ho. En kritische meelezers en een eindredacteur voor de zekerheid), de publiciteit (hallo Twitter, hallo social media release), de drukwerkbegeleiding, uitgever worden en dingen uitvinden over het boekenvak. Is ook gewoon een leuke (maar soms wel ingewikkelde) puzzel. Het heeft sommigen wel geërgerd dat ik ‘zoveel zelf dacht te kunnen’. Iedereen mag vinden wat ‘ie vindt. Maar ik ben diep gelukkig met het eindresultaat. Het is dan weer wel zo dat als ik bepaalde dingen niet zelf had gekund, had ik er wel oplossingen voor gevonden. Ik koos er echter voor om ander, goed betaald, werk voor even te laten schieten om dit proces heel erg bewust mee te maken. Ik vergelijk het voor mezelf wel met een soort zwangerschap. Je bent eerst zwanger van het idee, dan ontwikkelt het zich, het leeft al echt maar het eindresultaat zie je nog niet…en dan is het er. En als je pech hebt, worstel je ietwat met een postnatale depressie. Nu wil ik niet zeggen dat ik dat heb (ik zou het niet durven beweren ten opzichte van vrouwen die dat hebben meegemaakt), maar ik werk niet zonder reden even wat minder uren per week. Ik moet er wel even van bijkomen. Ik denk dat ik momenteel de verhalen voel die allemaal níet in het boek staan. Ik denk dat ongeveer 10 procent van mijn ervaringsverhalen over dit onderwerp in het boek staan. De rest…daar leef ik mee. En dat zal ik ook echt zelf moeten doen. En dat is prima. Het is wat het is.

Als het een zakelijk boek was geweest, over mijn vak (social media en online communicatie) had ik het veel gemakkelijker kunnen opbrengen om taken uit te besteden, denk ik. Dan werk je meer samen met een gemeenschappelijk belang, niet alleen vanuit de boodschap in het boek, maar ook vanuit ontwikkelingen in de markt. Maar dat is in mijn ogen net even een andere situatie dan het boekproject waar ik aan werkte. Dat boek over online communicatie zit trouwens wel in de pijpleiding. Dat dan weer wel.

Marcel: Was jij eindverantwoordelijk of werden beslissingen democratisch genomen? Wat waren de voor- en nadelen daarvan?

Eindverantwoordelijk. Misschien maar goed ook; ik kan echt een ongenadig eigenwijs stuk vreten zijn. En dat geldt vooral bij een project wat eigenlijk een deel van je ís. Democratie paste niet in dit boek. Wel in het vervolgtraject, WeesWijzer.nu. Dat dan weer wel. Sterker nog: dat project bestaat volstrekt niet zonder anderen. Wat mij betreft is het boek de opmaat naar online kennisdelen voor en over weeskinderen in Nederland. Dat wilde ik in mei 2007 al, maar de tijd bleek er nog niet rijp voor. Nu dus wel. Ik schreef het boek om bewustwording te creëren omdat ik constateerde dat dat er nog niet voldoende is. Laten we maar zeggen dat je er een lange adem voor nodig hebt. Valt niet mee voor een sprinter als ik. Maar het is werk vanuit het hart. Ik kijk er wel echt naar uit om meer beslissingen samen te gaan nemen in de toekomst van WeesWijzer. Daar groeit het project vanzelf wel naartoe. Alles op z’n tijd.

Marcel: Wat heb je geleerd van je plan? Wat zou je nu anders doen?

Meer tijd reserveren. Meer tijd om te navelstaren, meer tijd om alternatieven te verkennen, meer tijd om in de toekomst te gluren. Zo werk ik aan de vertaling voor publicatie in Ierland, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten. Het is dat ik in Ierland een journalist sprak die me in drie minuten tijd zóveel waardevolle informatie gaf die de vorm van de Ierse editie zo ingrijpend veranderde, anders had ik daar bij voorbaat al een enorme mispeer in gemaakt. Nu heb ik nog de kans om rekening te houden met de Ierse gewoonten. In de pers, in boekenland maar ook in de perceptie van thema’s. Echt zo waardevol om naar het land van publicatie af te reizen vóórdat je daar publiceert. Waardevoller dan ik ooit had kunnen vermoeden. Als ik dit van te voren had geweten, was ik eerder afgereisd.

Marcel: Wat voor advies zou je geven aan andere mensen die met Waanzinnige Plannen rondlopen?

Wees trouw aan jezelf. En neem je angsten niet té serieus. Ontwijk je angst niet, maar onderzoek waarom het een angst is. En bekijk de scenario’s: is het een ramp als je angst bewaarheid wordt? Of kan dat ook weer een ‘blessing in disguise’ zijn? Kijk het recht in de ogen, bang of niet bang. Benoem ook concreet wát je wilt bereiken. En bedenk wat ervoor nodig is om jou het gevoel te geven dat het geslaagd is. Niet zelden kijk je dan na afloop terug op je project en constateer je dat je verder bent gekomen dan je eigenlijk vooraf genoegen mee zou hebben genomen. Mooi is dat.

Marcel: Is je leven veranderd nu je plan is geslaagd? Zo ja, in welk opzicht?

Ja. Het heeft mijn leven veranderd. Op veel meer manieren dan wellicht prettig is om in dit toch al lijvige interview (#langvanstof) op te sommen. Maar laat ik een selectie benoemen.

Allereerst: het heeft me veel geleerd. Over de grenzen van alles wat je wel of niet alleen kunt. Over ware inspiratie. Dus niet alleen die (vaak wel heel toffe) inspiratietegels die je op Facebook en Twitter ziet, maar nét even die scherpe zin, die ‘spark’ die jouw hele wereld voor even (of voor lang) verandert of je koers laat veranderen.

Het heeft me diep ontroerd hoe positief veel mensen reageerden op het plan dit boek te publiceren.

Het heeft me de mooiste dag van mijn leven opgeleverd. Sommige mensen trouwen of krijgen een kind. Ik schreef een boek. Persoonlijk en uit het hart. En op de dag dat het uitkwam, deelde ik dat moment met vijftig mensen. Ik kan bijna niet onder woorden brengen hoe diep me dat geraakt heeft. En hoe zeer de verbondenheid tussen iedereen in de zaal was. Ik schiet daar nog vol van.

Het heeft ook mijn beeld van de boekenwereld (helaas) bevestigd. Over de niet zo gunstige markt en de positie die veel boekverkopers daarin innemen. Maar dan ook wel weer dat je boekhandelaren tegenkomt die graag je verhaal verspreiden.

Het heeft me in contact gebracht met mensen die ook hun verhaal met zich meedragen en dit zo open met me hebben gedeeld. Dat vertrouwen is een enorm geschenk.

En het heeft me Gabriel Byrne doen tegenkomen. In een lunchroom in NoLiTa, New York. Nota bene op 1 januari, een paar uur nadat ik mezelf om 23:55 op 31 december, met champagne in het handje, had toegewenst dat ik in 2013 iedereen die (bewust of onbewust) had bijgedragen aan het boek, in persoon wilde kunnen bedanken. Ik was flabbergasted en vergat spontaan mijn eigen naam (dat dan weer wel), maar een maand later overhandigde ik het boek en een verklarend briefje op zijn filmset in Dublin. Eind goed, al goed. No heroes, no life.

Ik kan nog wel even doorgaan met hoe dit project mijn leven heeft veranderd, maar you get the picture.

Marcel: Heb je nieuwe plannen? Hoe waarschijnlijk is het dat je die gaat uitvoeren?

De nieuwe website is nog steeds in ontwikkeling. Het is een groot karwei. Niet alleen technisch (ik overweeg tegen al mijn principes in toch een eenvoudigere oplossing te vinden die gemakkelijker uitvoerbaar is dan wat ik eigenlijk voor ogen had), maar ook redactioneel. Er zijn veel mensen die waardevolle informatie hebben en een bepaalde rol of positie op de website zouden willen hebben. Dat is mooi, maar dat maakt het ontwikkelen ervan niet echt eenvoudig. Ik realiseer me dat de keuzes die ik hier in deze fase in maak en moet maken, langdurige consequenties met zich meebrengen.

Maar de site komt er. En intussen blijf ik wezen helpen in hun zoektocht naar informatie en naar het ombuigen van onrecht. Al gaat dat dan met horten en stoten. Maar het lukt. Ik kan het niet niet doen. Dat zit diep.

Marcel: Heb je een website die bij je project hoort?

www.WeesWijzer.nu

Fotografe Daphne Channa Horn over Turkije

Daphne in IstanbulFotografe Daphne Channa Horn vertrok op stel en sprong naar Turkije om verslag te doen vanuit Istanbul. Haar foto’s gaan momenteel de hele wereld rond, net als haar tweets en Facebookupdates. Ik interviewde haar via Facebook over haar Waanzinnige Plan en over hoe je haar kunt ondersteunen door geld te doneren.

Marcel: ‘Daphne, wat bezielde je?’

Daphne: ‘Ik zag vrijdag 31 mei via Facebook allemaal foto’s uit het Gezi Park die me verontrusten. Een beeld van persbureau Reuters sprak alle talen in mijn hoofd aan en ik deelde de foto met mijn netwerk op Facebook.  Een foto van een dame in een rode jurk die pepperspray vol in haar gezicht kreeg. Ze stond erbij alsof ze in flanerende pose werd overvallen, haar jurk waaide op en haar hoofd wende zich galant af en haar haren wapperden. Een wereld van een beeld.’

daphnechannahorn-istanbul (33 of 55)‘Daarna was het alsof een lampje aan ging, ik begon eigenlijk meteen te denken over vertrekken naar Istanbul. Dat proces gaat heel snel en ik ben mogelijkheden gaan bekijken en video’s bekeken en research gedaan. De Turkse pers meed het onderwerp en op de Turkse CNN werden natuur docu’s uitgezonden over pinguïns.’

‘De dag erna, Zaterdag middag vond de #Instawalk020 plaats – met een groep van 40 bekende en onbekende mobiele fotografen over de NDSM werf wandelen. Ik vertelde een vriendin in de auto ernaartoe over wat er aan de hand was in Istanbul en ze gaf me aan om me te willen helpen en bood aan het eind van de wandeling aan een ticket te willen betalen. Ik was overdonderd en ontroerd voor deze kans die ze me met zoveel liefde wilde bieden. Heb er een nachtje over geslapen en aanvaard, met moeite.’

daphnechannahorn-istanbul (34 of 55)Marcel: ‘Heb je je nog kunnen voorbereiden?’

Daphne: ‘Zondagavond  heb ik een enkele reis geboekt voor de enige vlucht op maandag waar nog plek was. Ik had geluk. De voorbereiding was kort: Een kamer geboekt via Airbnb bij Fatma en haar dochter in de buurt van het plein met goed internet., Dochter Elvan is journaliste in Japan en bood me meteen al haar netwerk aan en contacten. Toen wist ik dat ik goed zat.’

‘Ik heb maandag mijn kat, Neelix, ondergebracht bij een lieve vriendin. Met de mededeling ik ben zeker 7 tot 10 dagen weg. Heb een stofmasker 3M mee genomen en alle techniek verzameld,  2 camerabodies, 5 lenzen en 1 flitser en veel batterijen ook een extra voor mijn telefoon via een vriend. Mijn laptop een extra harde schijf, zonnebrand, 1 paar schoenen en wat kleding. Paspoort en heb euro’s gepind.’

‘Ik heb pas laat mijn familie ingelicht, eerst mijn zus daarna mijn moeder, die nog 3 keer me probeerde overtuigen niet te gaan. Mijn vrienden mail gestuurd waar ik verbleef met adres.’

daphnechannahorn-istanbul (37 of 55)Marcel: In hoeverre had je zien aankomen wat er ging gebeuren?

‘Ja dat is moeilijk. Maar laat ik zeggen ik heb een neus voor nieuws. Mijn buik voelde iets. Ik voelde dat dit niet iets kleins was en ergerde me aan het NOS journaal die het afdeed als een soort occupy beweging en zeker geen Turkish spring – Turkse lente. Ik dacht die zitten er goed naast met hun berichtgeving. Turkije is een bijzonder land met bijzondere geografische positie t.o.v. Europa en Azië en gelinkt aan Midden Oosten.’

‘Ik heb op 16 mei met de Scherpte Diepte Leesclub op het symposium “Power! Photos! Freedom! in Antwerpen, gesproken met Dr. Lina Khatib, (Co-founder, Programma over Arab Reform,Stanford University en tevens auteur van  “The Visual Rush of the Arab Spring). Zij gaf een lezing in het FoMu Antwerpen en zij gaf aan het is nog niet voorbij in de regio. Ik geloofde haar en ze had gelijk. Ze raakte me met haar gedrevenheid en activistische power. En ik denk dat deze ontmoeting mede het lampje, ik moet gaan,  heeft aangezet.’

daphnechannahorn-istanbul (26 of 55)Marcel: Wat was je grootste angst toen je vertrok?

Daphne: ‘Onveiligheid en gewond te raken of erger. Ik weet als ik ga ik ook echt ervoor ga. Dus dan sta ik ertussen met mijn neus erop. Dan ben je kwetsbaar alleen met camera.’

Marcel: ‘Wat hoop je te bereiken met je foto’s en je berichten vanuit Istanbul?’

Daphne: ‘Hulp bieden met de beeldvorming en verspreiding in NL. De kracht van het beeld is intens. Erdogan is elke dag op TV hier in Turkije, en verbied zenders iets over het protest te laten zien. Dat is toch bizar.  Het doel was de mens van dichtbij te laten zien in dit protest. De politie en de bezetters van het park en plein, wat drijft deze saamhorigheid onderzoeken met beeld.

Marcel: ‘In mijn boek pleit ik ervoor om niet naar je gevoelens te luisteren (ik heb geen zin, ik kan het niet, niemand zit op mijn project te wachten) maar bij je doel te blijven. Hoe was dat voor jou? Ik kan mij ook voorstellen dat gevoelens een belangrijke rol spelen in een gevaarlijke situatie.

daphnechannahorn-istanbul (36 of 55)Daphne: ‘Als ik naar mijn gevoelens had geluisterd dan was ik niet gegaan. Ik vond het spannend en was gestrest.

Ken Turkije, maar nog nooit in Istanbul geweest en zeker niet met zoveel Politie geweld in Turkije. Maar mijn onderbuik en hoofd schreeuwden dit is iets,  ze wonnen van de angst.

Marcel: ‘Welke rol speelt Social Media bij jouw project?’

Daphne: ‘Tsja het is echt een project nu. Ik dacht eerder een reportage verder geen grote doelen.  Maar het groeit, elke dag. Meer volgers meer betrokkenheid meer netwerk, soort organisch geheel. Het gebeurd. De rol is natuurlijk groot want sociale media zijn de kanalen waar ik mijn werk deel en jullie meedelen en doneren. Zonder support ben ik een roepende zonder klankbord. Ik krijg veel berichten van steun en vragen: Wat kan ik voor je doen? Dus ik zeg deel, verspreid, je kunt ook helpen met een druk op een knop!’

‘Mijn werk is onder creative commons licentie – non commercial te gebruiken door iedereen. Dus ik verdien niet aan NOS of  Volkskrant fotospecial, geen cent voor radio optredens. Ik moet het hebben van steun van mijn netwerk en betrokkenen.’

Marcel: ‘Doe je alles alleen? Of help je hulp?’

Daphne: ‘Ik heb hulp hier en vanuit overal, goede hulp, slimme hulp en integere hulp. Waar ik intens dankbaar voor ben. Op moment dat mijn flitser stuk ging , hebben velen voor me gezocht naar een oplossing en op die manier word ik gedragen, al klinkt dat vreselijk zweverig. Sociale media en mijn contacten bieden me warmte. Ze reageren, geven echt aan als de grens bereikt is en ik rusten moet.’

‘Er is een donatiepagina voor mij geopend op initiatief van twee goede vriendinnen die vanuit Amsterdam en Dublin meewerken.  Mensen hier willen weten wat er in NL gedacht wordt en zijn blij met alle hulp van buitenaf. Midden in de traangaswolken mocht ik bij een cafe schuilen en uithuilen. Kreeg ik water en citroenen en een lieve lach van mensen. Het is hier heel solidair, met eten en apparatuur en informatie alles ingezet voor elkaar. De medische dienst heeft een helm voor me geregeld en een goed masker. Cafe’s die gesloten blijven voor mensen in nood, zoals de Starbucks op Taksim plein, worden direct afgesloten en zijn meer dan een week bezet.’

1017119_10201287179763505_1564157460_n‘Paar dagen geleden een bekende NLse fotografe ontmoet midden op het plein omdat ik haar camera herkende, we geven elkaar informatie en gisteravond de hele avond als team gewerkt om veiligheidsredenen. Back up is nodig en geeft rust in onrustige omgeving. Ik voel de betrokkenheid en gisteren was ik 8 uur offline omdat ik waakzaam in het park aan het wachten was op de aangekondigde, leegveegactie en 24 uurs ulitimatum. De laatste tweet ging over het gerucht over de arrestaties van journalisten met gasmaskers door de politie.’

‘Dan staat daarna mijn Twitter, Facebook, mailbox, Path in de brand omdat mensen meeleven en bezorgd om me zijn. Ik voel me heel gesteund hier en vanuit NL en ben heel blij met elke, echt elke eurocent die iemand me doneert.’

Marcel: ‘Is je leven veranderd?’

Daphne: ‘Ik denk dat ik dat pas echt kan beantwoorden als ik klaar ben met de reportage en in Amsterdam aan de koffie zit met vrienden.’

De kosten die Daphne momenteel maakt om foto’s te kunnen maken en te rapporteren vanuit Istanbul, worden volledig betaald uit donaties. Wil je ook bijdragen? Graag!

Klik hier om te doneren.